Thaesis doet continu trendonderzoek naar de meest relevante trends in de educatieve sector. Deze trends maken via onze web en app based tool TRNDR onderdeel uit van de Strategiekamer, de accumulatie van bewezen methodieken en aanpakken van ons adviesbureau. Trendonderzoek is van grote waarde bij scenarioplanning. Door mogelijke toekomsten te voorzien, erop te anticiperen en er vervolgens sneller op te kunnen reageren wordt de strategische besluitvorming binnen organisaties beter. Onze opdrachtgevers leren zo beter omgaan met onzekerheden.

Lees hieronder alles over de 100 meest relevante onderwijstrends.

TRNDR logo_RGB-01

100 meest relevante onderwijstrends

Aandacht pedagogische relatie Een goede pedagogische relatie tussen leerling en leraar is de basis van kwalitatief goed onderwijs. Door een veilige basis te bieden, durft de leerling zich (op eigen initiatief) te ontwikkelen. Het belang van deze relatie komt steeds meer op de voorgrond als randvoorwaarde voor goed onderwijs.
Aandacht voor excellentie De topstudenten in Nederland presteren minder goed dan in veel andere landen, doordat in het verleden de aandacht van de docent vooral uitging naar leerlingen/studenten met een achterstand. De leerlingen/studenten met veel potentieel en een ‘honger’ naar kennis zullen in de toekomst meer aandacht krijgen, om zo écht te kunnen excelleren.
Afnemend belang eindtoets De vrijheid van keuze tussen verschillende eindtoetsaanbieders maakt de vergelijkbaarheid van de uitkomsten moeilijker. Het wordt hierdoor moeilijker voor scholen om de eindtoets te zien als toelatingstoets. Ongewenste bijverschijnselen van de eindtoets, zoals fraude met uitslagen en commerciële ‘eindtoets-trainingsinstituten’ zijn echter nog populair.
Afnemende motivatie leerlingen/studenten Nederlandse leerlingen/studenten zijn minder gemotiveerd om te leren dan leerlingen/studenten in andere landen. Dit is onder andere zichtbaar in de teruglopende resultaten van Nederlandse toppresteerders ten opzichte van de toppresteerders in andere landen.
Afnemende vergrijzing docenten Er is sprake van een sterke daling van het aantal docenten door de ‘uitstroom’ van pensioengerechtigden en dat zal de komende jaren door blijven gaan. De leeftijd van docenten wordt hierdoor gelijkmatiger verdeeld.
Alumni-CRM Alumni-CRM zijn systemen die door onderwijsinstellingen worden gebruikt om alumni in dienst te nemen en te bedienen. De functionaliteit kan bestaan uit een alumni-directory, alumni-networking, alumni-contactbeheer, online geven en evenementenbeheer.
Arbeidsmarktgericht onderwijs Er is een toenemende aandacht voor de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt. Leerlingen/studenten worden opgeleid voor de huidige arbeidsplekken. Echter, met het oog op de toekomst worden leerlingen/studenten ook opgeleid voor banen die, gezien de trends, binnenkort zullen ontstaan. Nieuwe vaardigheden zoals programmeerkennis en samenwerking zijn hierbij belangrijk.
Beperkte digitale geletterdheid Als gevolg van het toegenomen online onderwijs, wordt steeds duidelijker dat de digitale geletterdheid van leerlingen/studenten minder hoog is dan voorheen werd gedacht.
Bestuurlijke schaalvergroting Scholen zullen steeds vaker een gemeenschappelijk bestuur delen, dat een grotere verantwoordelijkheid voor meerdere locaties heeft. Als gevolg van deze schaalvergroting zullen scholen een betere gesprekspositie in kunnen nemen ten opzichte van de overheid en leveranciers.
Blended learning Blended learning is een mix van verschillende manieren van leren en didactische strategieën. Er kan wel of geen gebruik worden gemaakt van technologie, er kan synchroon of asynchroon worden geleerd, en bij de verschillende keuzes kan ook worden gevarieerd in de didactische methode.
Concurrentie tussen scholen Onderwijsinstellingen ontlenen hun bestaansrecht aan het aantal ingeschreven leerlingen of studenten. Vergelijkbaar met bedrijven strijden scholen om de gunst van de ‘consument’. Er wordt bijvoorbeeld geadverteerd met hoge leerprestaties of het onderwijs(aanbod) wordt afgestemd op de wensen van ouders, leerlingen en studenten.
Constructieve worsteling Door een constructieve worsteling leert een leerling of student door het maken van fouten. Daarbij hoeft een leerling of student zich niet te schamen wanneer fouten worden gemaakt, maar moedigt de docent de leerlingen of studenten aan om van die fouten te leren. De worstelingen van het proces staan centraal in deze methode.
Contextrijk leren Leerlingen/studenten zijn steeds meer geïnteresseerd in de context van het aangeboden lesmateriaal. Hoe past die stof in de context van hun vervolgopleiding of professionele leven? Als de docent het lesmateriaal in een maatschappelijke context plaatst, nemen leerlingen/studenten de stof makkelijker op.
Coöperatief onderwijs Coöperatief onderwijs onderscheidt zich door studenten van elkaar te laten leren. Sterke en zwakke leerlingen/studenten worden aan elkaar gekoppeld en door dialoog, onderlinge uitleg en onderzoek worden zij samen sterker. De zwakke leerling krijgt uitleg en de sterke leerling leert doordat hij of zij de stof in eigen woorden uitlegt.
Correctiemogelijkheden Het niveau waarop leerlingen in het voortgezet onderwijs beginnen wordt steeds bepalender voor de schoolloopbaan, doordat correctiemogelijkheden afnemen. Heterogene en verlengde brugklassen verdwijnen, vmbo- en havo/vwo-locaties worden gescheiden, tussentijds af- en opstromen wordt moeilijker evenals het stapelen van diploma’s.
Curriculumvernieuwing Er vindt continu vernieuwing van het onderwijs plaats door bijvoorbeeld nieuwe profielen, eindtermen of kwalificatiedossiers. Hier moeten bestuurders, school-, team- en afdelingsleiders, en docenten op acteren. Zij kunnen het curriculum aanpassen aan de eisen van de overheid en afstemmen op de lokale situatie.
Cyber bullying Het pesten van medeleerlingen/studenten gebeurt niet alleen in de klas of op het schoolplein, maar ook buiten school, bijvoorbeeld via diverse social media. Het is een grote uitdaging voor scholen en docenten hoe hiermee om te gaan.
De school als one-stop-shop Het takenpakket van scholen wordt steeds breder, bijvoorbeeld door buitenschoolse opvang, naschoolse (sport)activiteiten en bijscholing van leerlingen/studenten met een leerachterstand. De school wordt daarmee een one-stop-shop waar kinderen in de morgen worden afgezet en aan het eind van de dag worden opgehaald.
Digitaal burgerschap Om de leerling/student zo goed mogelijk voor te bereiden op zijn of haar digitale toekomst, wordt in het onderwijs steeds meer aandacht besteed aan de digitale maatschappij. Het bijbrengen van het belang van digitaal burgerschap zal de komende jaren toenemen in zowel het primair als het voortgezet onderwijs. Denk hierbij aan digitale normen en waarden.
Digitale leermiddelenchaos In het voortgezet onderwijs en het hoger onderwijs is een chaos van digitale leermiddelen ontstaan door keuzevrijheid van docenten aan het begin van de COVID-19 pandemie. Hierdoor volgen leerlingen/studenten soms lessen in veel verschillende online leeromgevingen.
Digitale referenties Digitale referenties focussen op het uniek en niet-kopieerbaar maken van digitaal materiaal, zoals online diploma’s. Traditionele referenties zijn gebaseerd op de uitgifte van papier met speciale kenmerken zoals watermerken om fraude te verminderen. Digitale referenties kunnen onder andere het probleem van nep-diploma’s op het MBO oplossen.
Digitalisering lesmateriaal Lesmateriaal wordt steeds vaker digitaal beschikbaar. De afgelopen jaren is het gebruik van digitaal lesmateriaal gestegen. Uit onderzoek blijkt dat het gebruik van digitaal lesmateriaal kinderen meer stimuleert tot actieve deelname en dat de aandacht en motivatie toeneemt.
Diversifiëring onderwijsaanbod Er ontstaat in Nederland – hoofdzakelijk op havo en vwo-niveau – een steeds diverser aanbod van verschillende onderwijstypen, verspreid door het hele land.
Diversiteit in de klas In de klas ontstaat een grotere diversiteit aan leerlingen/studenten door migratie, een afname van traditionele gezinnen en een toename van leerlingen/studenten met speciale onderwijsbehoeften.
Diversiteit van leermiddelen De diversiteit van leermiddelen neemt toe. Traditionele klaslokalen veranderen in actievere leeromgevingen. Daar waar leerruimtes traditioneel gezien ontworpen zijn voor docentgestuurd onderwijs, speelt studentgestuurd onderwijs een steeds grotere rol. Ook ‘flipping the classroom’ draagt hier aan bij.
Docententekort Het tekort aan docenten in verschillende lagen van het onderwijs blijft de komende jaren groeien. Dit komt door een hoge uitstroom van pensioengerechtigde docenten en een verminderde instroom van pas afgestudeerde docenten.
Doorlopende leerlijnen Een doorlopende leerlijn is een beredeneerde opbouw van inhoud en tussendoelen, leidend naar een einddoel. Het gaat om de afstemming binnen een stroming, maar ook tussen stromingen. Bijvoorbeeld tussen het vmbo en het mbo.
Empathie onderwijzen Empathie is het vermogen om de emoties van anderen te voelen, gekoppeld aan het vermogen om zich voor te stellen wat iemand anders zou kunnen denken of voelen. Er is de afgelopen tijd een toegenomen focus op het belang van empathie in het onderwijs. Het is een doel aan het worden om bij leerlingen/studenten empathie te ontwikkelen.
Empirisch onderbouwd onderwijs Empirisch onderbouwd onderwijs is het focussen op didactische en pedagogische interventies met wetenschappelijk bewezen slagingskansen. Hierdoor focussen docenten hun energie op die interventies die impact zullen hebben op hun leerlingen.
Expeditief leren Expeditief leren focust op de behoefte om meer te leren dan wat er binnen de muren van de klaslokalen kan. Hierbij wordt nog meer de wereld buiten de klas gebruikt om te leren. Leerlingen/studenten voelen zich betrokken bij het leren terwijl ze hun doelen bereiken en hun karakter ontwikkelen.
Flexibele schooltijden Het primair onderwijs vraagt om meer flexibiliteit, bijvoorbeeld om af te wijken van vakanties en de vijfdaagse schoolweek. Scholen verwachten een positieve invloed van de flexibelere indeling op de leerlingen, ook verwachten ze dat ze hiermee de belangen van de ouders beter kunnen bedienen.
Formatief leren en toetsen Formatief leren en toetsen geeft leerlingen/studenten inzicht in hun eigen leerproces en leidt tot onderwijs op maat. De docent krijgt een goed beeld van waar de leerling of student staat, waar de leerling of student naartoe werkt en kan feedback geven om doelstellingen (alsnog) te bereiken.
Games in de klas In het onderwijs wordt meer gebruik gemaakt van games. De beginselen die er voor zorgen dat jongeren zich vermaken met een game worden nu ook gebruikt om hen te stimuleren in het leerproces. Zo kunnen leerlingen/studenten bijvoorbeeld worden uitgedaagd de stof nog beter onder de knie te krijgen door middel van het behalen van ‘achievements’.
Gepersonaliseerd leren Het ontwikkelen van leerlingspecifieke talenten komt steeds meer centraal te staan. Hoewel het toezicht op de hoofdlijnen van het onderwijs streng zal zijn, worden scholen vrij gelaten om zelf leerlijnen in te richten voor specifieke leerlingen/studenten. Het idee is dat de structuur de leerling/student volgt in plaats van andersom.
Groeimindset Een persoon met groeimindset denkt te kunnen groeien, in tegenstelling tot een persoon met een vaste mindset die ervan uitgaat dat karakter, intelligentie en creativiteit gegeven en onveranderbaar zijn. Een persoon met groeimindset gedijt goed bij uitdaging en ziet het als een bemoedigende springplank voor groei van zijn of haar capaciteiten.
Grotere rol lokaal bestuur Verantwoordelijkheden worden steeds meer gedelegeerd van landelijk niveau naar regionaal niveau. Gemeenten en onderwijsinstellingen krijgen te maken met een verzwaring van de maatschappelijke opgave en een opdracht tot samenwerking met een veelvoud aan partijen in de regio.
Informeel leren Informeel leren is een vorm van leren die min of meer spontaan ontstaat. Er wordt geen werkvorm gevolgd, er is geen sprake van een officiële opdracht of diploma. Deze vorm van leren vindt vaak plaats via werkplekken, maar ook wanneer een leerling/student informatie uitwisselt in de pauze, een gesprek voert met een docent of een handigheid ontdekt door het huiswerk.
Internationalisering De toename van het aantal internationale leerlingen en studenten leidt tot een toename van Engelstalig onderwijs. In het hoger onderwijs hebben internationale studenten een positieve invloed op het diplomarendement. Het risico is echter dat de Engelstalige opleidingen hun meerwaarde verliezen en mogelijk slechter aansluiten op de arbeidsmarkt.
Kansenongelijkheid Gelijke onderwijskansen staan onder druk. Het opleidingsniveau van ouders speelt een belangrijke rol bij keuzes voor het vervolgonderwijs. Ook wordt door met name ouders met een hoger inkomen geïnvesteerd in huiswerklessen en toetstraining.
Krimp en ontgroening Hoger- en middelbaar opgeleiden krijgen gemiddeld steeds minder kinderen. De daling van het aantal leerlingen/studenten zal hierdoor de komende jaren doorzetten. Vrijwel alle niveaus van onderwijs hebben hier last van, met uitzondering van het wetenschappelijk onderwijs. Dit heeft allerlei gevolgen voor scholen, onder andere op het gebied van huisvesting, personeel en financiën.
Leerstrategieën De aandacht voor zogenaamde leerstrategieën in het primair en voortgezet onderwijs neemt toe. Naast de benodigde kennis wordt aandacht besteed aan de wijze waarop leerlingen/studenten kunnen leren. Samen met de docent kan de leerling onderzoeken welke methode voor hem of haar het beste werkt.
Licentiemodel Binnen het onderwijs worden steeds meer leermiddelen aangeboden door middel van een licentiemodel. Denk hierbij aan licenties voor online toegang tot digitale leermiddelen en opdrachten. Ook lesvoorbereidingen worden online aangeboden met licenties.
Maatschappelijke rol scholen De maatschappij en de overheid verwachten een steeds grotere rol van scholen in maatschappelijke vraagstukken, zoals bijvoorbeeld integratie en jeugdobesitas. Het belang van brede vorming van leerlingen en studenten wordt steeds meer erkend. Het onderwijs zou naast het overdragen van kennis ook vooral moeten gaan over zelfactualisatie en persoonsvorming.
Maatwerk De leerling/student en het ontwikkelen van zijn of haar specifieke talent komt steeds vaker centraal te staan. Individuele aandacht levert aanzienlijk betere resultaten op dan de klassikale methode. Om ieder kind zo goed mogelijk te laten leren, wordt een op het individuele kind gerichte aanpak steeds belangrijker.
Massive open online courses Massive open online courses (MOOCs) bieden toegang tot content en modules van gerenommeerde universiteiten zoals Oxford, Harvard en MIT. Het gebruik van MOOCs neemt toe, wat leidt tot meer feedback en daarmee tot een betere kwaliteit.
Meetbaarheid van resultaten Binnen het onderwijs wordt steeds meer gekeken op welke manier het leren zichtbaar kan worden gemaakt. Het evalueren, meten en vastleggen van het leren kan en gebeurt op steeds meer manieren. Online leermiddelen kunnen helpen bij het combineren van alle data tot één nuttig overzicht.
Mentale gezondheid student Met de toenemende medicalisering komt ook een toenemende focus op de mentale gezondheid van de studenten. Denk hierbij aan het aantal studenten met trainingen tegen faalangst en de focus op de gezondheid van de studenten.
Micro-educatie Micro-educatie is ‘Just In Time, Just In Place’. Bij micro-educatie wordt het lesmateriaal in hapklare brokjes aangeboden aan de student. Daarnaast is er veel aandacht voor het moment waarop deze brokjes worden aanboden, bij voorkeur precies wanneer de student het nodig heeft.
Microcertificering Microcertificering focust op de behaalde resultaten vanuit compactere programma’s waarbij snel de nodige kennis en vaardigheden worden ontwikkeld. Hierdoor kunnen resultaten voor trainingen in het kader van leven lang leren tastbaar worden gemaakt.
Modulair onderwijs Bij modulair onderwijs worden vrije combinaties van losse onderwijseenheden aangeboden. Op deze manier wordt beter aangesloten bij de voorkennis van studenten, bijvoorbeeld doordat zij al een andere opleiding hebben gevolgd of uit het werkveld komen.
Naschoolse educatie Naschoolse educatie is het organiseren van (educatieve) activiteiten, naast de reguliere lestijden. Meestal gaat het om activiteiten voor leerlingen/studenten onder begeleiding van één of meer leerkrachten. Soms organiseren leerlingen/studenten of ouders deze activiteiten. De verantwoordelijkheid ligt bij de school.
Negatief imago beroepsonderwijs Het ‘werken met de handen’ heeft een negatief imago. Het aantal leerlingen/studenten in de beroepsgerichte leerwegen neemt dan ook af. Ouders en leerlingen/studenten kiezen vaker voor een algemeen vormende opleiding. Alle opties voor een vervolgopleiding blijven daarmee open.
Onbevoegd lesgeven Door het oplopende docententekort en de hoge vacaturedichtheid, zowel in het primair onderwijs als in het voortgezet onderwijs, is er een toename van het aantal onbevoegde docenten. Dit leidt tot een bedreiging van de onderwijskwaliteit.
Ondernemerschap als leerdoel Leerlingen/studenten worden op school voorbereid op het volwassen leven met onderwijs dat aansluit op de huidige maatschappij en het bedrijfsleven. Zij worden gestimuleerd om te ondernemen en hun vaardigheden in zelfredzaamheid, creativiteit en wendbaarheid te versterken. Ondernemen wordt daarmee steeds populairder onder jongeren.
Online veiligheid Groei van technologie zorgt voor enorme toename van de hoeveelheid data. Dit stelt eisen aan de veiligheid van de infrastructuur. Security en bescherming van de online identiteit speelt een steeds grotere rol bij lesgeven, digitaal toetsen, leren en onderzoek doen. Online veiligheid heeft ook een grote impact op de studenten, door gebrek aan moderatie en toezicht op online platforms.
Open leren Open leren is een benadering van onderwijs waarbij studenten zich laten leiden door hun eigen interesses, achtergrondkennis en leergierigheid. Van buitenaf bekeken is het minder georganiseerd, minder formeel en minder gestandaardiseerd dan traditioneel leren. Een voorbeeld hiervan is ‘genius hour’.
Opkomst privaat onderwijs Er is de afgelopen jaren een toename van het aantal huiswerkbegeleidingsinstituten, particuliere scholen en examentrainingen. Ook docenten zoeken naar private alternatieven, zo is er een toename in het aantal gedetacheerde docenten en het aantal zzp’ers. Op deze manier vinden steeds meer commerciële organisaties hun weg in de educatiemarkt.
Opkomst zzp’ers Door het groeiende docententekort wordt het voor docenten steeds aantrekkelijker om zich als zzp’er op de arbeidsmarkt te begeven en in economische zin gebruik te maken van de schaarste aan de aanbodzijde.
Ouders als consument De ouders zien de school steeds meer als een product dat zij voor hun kinderen kopen. Zij zijn steeds minder betrokken bij de school in hun hoedanigheid als vader of moeder, en zullen minder vaak bereid zijn om mee te helpen. Leerlingen/studenten met betere prestaties krijgen daarbij meer kansen.
Passend onderwijs Passend onderwijs focust zich op de allocatie van leerlingen/studenten op de voor hen best passende scholen. Hierbij is het belangrijk dat leerlingen/studenten een plek krijgen op een school die past bij hun capaciteiten. Het doel is om elk kind uit te dagen om het optimale uit zichzelf te halen. Belangrijk hierbij is de afstemming met andere sectoren, zoals jeugdzorg en de gemeente.
Peer-to-peer educatie Peer-to-peer educatie betreft het onderling leren tussen gelijkwaardige mensen. Het wordt toegepast in het onderwijs door studenten van elkaar te laten leren en door docenten van elkaar te laten leren. Deze manier van leren is kostenefficiënt en toegankelijk, doordat peers goed aansluiten op elkaars niveau, problemen en perspectieven.
Persoonlijke aanpak Door de medicalisering die plaatsvindt neemt het aantal leerlingen/studenten dat een persoonlijke aanpak nodig heeft toe. Een voorbeeld hiervan is het toegenomen aantal leerlingen/studenten dat medicatie gebruikt voor aandoeningen zoals ADHD.
Prestatiedruk Ouders verwachten steeds meer van leerlingen en studenten dat zij goed presteren. Door toenemend gebruik van social media wordt de druk verder opgevoerd. Leerlingen en studenten moeten of willen bijzonderder zijn dan de rest, doordat al hun persoonlijk handelen te zien moet zijn op social media.
Private investeringen Naast de publieke uitgaven aan onderwijs is er ook in toenemende mate sprake van private uitgaven: bedrijven betalen in geld, in menskracht of in materiaal mee aan het onderwijs.
Probleemgestuurd onderwijs Probleemgestuurd onderwijs is een studentgerichte pedagogie waarbij wordt geleerd van de ervaring van het oplossen van een open en in het lesmateriaal aangetroffen probleem. Het proces maakt het mogelijk om andere gewenste vaardigheden en attributen te ontwikkelen en focust niet op een vooraf gedefinieerde oplossing.
Profilering van scholen Een school is niet langer ‘gewoon’ een basis- of een middelbare school. Scholen gaan zich steeds meer profileren en specialiseren. Voorbeelden zijn ‘technasia’, cultuurscholen, tweetalige middelbare scholen en excellente scholen.
Projectgestuurd onderwijs Projectgestuurd onderwijs focust op het verwerven van kennis en vaardigheden door langdurig te werken aan een project. Het gaat vaak om het onderzoeken van en reageren op een authentieke, boeiende en complexe vraag of uitdaging. Deze manier van leren neemt de afgelopen jaren toe in populariteit.
Relativering vrijheid van onderwijs Nederland kent al meer dan honderd jaar vrijheid van onderwijs. In reactie op toenemende spanningen en dilemma’s rondom segregatie, radicalisering en kwaliteitstekort wordt de vrijheid van onderwijs minder absoluut gefaciliteerd.
Samenwerking tussen scholen De samenwerking tussen het primair en het secundair onderwijs wordt steeds hechter, scholen ontwikkelen steeds vaker doorlopende leerlijnen. Hierdoor wordt de overstap van het primair naar het secundair onderwijs voor de leerling kleiner en minder eng.
Scenariogebaseerd leren Scenariogebaseerd leren houdt in dat de leraar vooraf bepaalde scenario’s – routes naar het uiteindelijke leerdoel – heeft bepaald. De leerroute die een leerling volgt wordt bepaald door de input van de leerling/student. Zo wordt onderscheid gemaakt in groepen leerlingen/studenten, waarbij iedere groep een andere route volgt.
Selectie aan de poort van opleidingen Toegang tot de meest gewenste of passende school of opleiding wordt minder vanzelfsprekend. Voor populaire basisscholen is vroege aanmelding noodzakelijk, voor middelbare scholen wordt geloot, in het mbo stellen opleidingen eisen aan vakkenpakketten en in het hoger onderwijs wordt geselecteerd op motivatie en aanvullende toetsen.
Snellere doorstroom onderwijs In het vervolgonderwijs wordt sterk gestuurd op het zonder vertraging afronden van de opleiding. Het behalen van een diploma binnen de nominale tijd is hierbij de richtlijn. Dit leidt tot hogere diplomarendementen.
Social learning Via sociale media, maar ook via internetfora, chatrooms, wiki’s en blogs wordt kennis delen steeds gemakkelijker en toegankelijker. Deze manier van kennis delen wordt gehanteerd bij het ‘sociaal leren’, waarin deelnemers van e-learning-programma’s worden uitgedaagd om kennis uit te wisselen via een aan het programma verbonden online community.
Stijging gemiddeld opleidingsniveau Leerlingen en studenten ronden een steeds hoger opleidingsniveau af en minder studenten verlaten het onderwijs zonder diploma. Het gemiddelde opleidingsniveau van de beroepsbevolking stijgt, wat enerzijds de kenniseconomie versterkt maar anderzijds leidt tot krapte bij praktische beroepen zoals elektriciens en timmermannen.
Student als consument Studenten zien het onderwijs als een product wat zij consumeren. Ze verwachten dat onderwijsinstellingen functioneren als bedrijven, daarbij eisen ze gemak, personalisatie en kwaliteit. Ook verwachten studenten dat leren vermakelijk, meeslepend, doel- en ervaringsgericht is.
Studentactivisten Studenten laten steeds actiever hun stem horen en proberen het publieke debat te verschuiven naar langetermijnoplossingen. Denk hierbij aan Greta Thunberg, de Nederlandse klimaatprotesten en de Amerikaanse studenten die protesteren tegen massale beschietingen op scholen.
Symptoombestrijding overheid De Rijksoverheid lijkt zich vooralsnog vooral te focussen op het oplossen van symptomen van problemen in het onderwijs, zoals het docententekort en de hoge hoeveelheid burn-outs. Echter, een stelselmatige oplossing van de onderliggende weeffouten in het onderwijsstelsel blijft vooralsnog uit.
Synchroononderwijs Synchroononderwijs is een methode van online onderwijs die een kader biedt om met behulp van technologie kleine groepen zo efficiënt mogelijk te onderwijzen. Met sync teaching leren studenten altijd op dezelfde tijd, maar hoeven ze niet altijd op dezelfde locatie te zijn.
Technologiediscussie De discussie over technologiegebruik in het onderwijs is erg gepolariseerde waarin mensen zeer uitgesproken voor of tegen zijn. Tegenstanders vinden het afleidend, duur, slecht voor sociale interactie en niet dienend aan een doel. Voorstanders prijzen de mogelijkheden om te experimenteren, de directheid en de kans om iedereen te laten participeren.
Thuisonderwijs Door het toegenomen thuisonderwijs in het primaire en voortgezet onderwijs worden niveauverschillen tussen de leerlingen vergroot door hun thuissituatie. Ouders zijn namelijk op zichzelf aangewezen voor het onderwijzen van hun kinderen, dit bevoordeelt kinder met een stabiele thuissituatie en hoogopgeleide ouders.
Toename invloed van Europa Als Europese lidstaat moet Nederland de Europese wet- en regelgeving volgen. Inmiddels komt meer dan de helft van nieuwe wetgeving voort vanuit de Europese Unie. De invloed van Europa op het onderwijs in Nederland wordt daarmee steeds groter.
Toename leerlingen met instabiel thuis De thuissituatie van kinderen in Nederland is over het algemeen minder stabiel dan een aantal jaar geleden. Dat is onder andere te verklaren door een toename in het aantal echtscheidingen van ouders en de stijging in de gemiddelde arbeidsduur van ouders en/of verzorgers.
Toename niveauvariatie tussen scholen In Nederland is het niveauverschil tussen scholen de afgelopen jaren gestaag toegenomen. De al groeiende verschillen zijn door de COVID-19 pandemie nog verder uitvergroot. Goed presterende scholen zijn efficiënt verandert, terwijl ondergemiddelde scholen moeite hebben om zich aan te passen aan de nieuwe en veranderende situatie.
Toename onderwijsambitie In Nederland is er een groeiende ambitie op het vlak van onderwijskwaliteit. Vanuit de politiek en het bedrijfsleven gezien wordt daarbij gevraagd naar een hogere onderwijskwaliteit en continu verbeterende schoolsystemen. Belangrijke thema’s hierin zijn: passend onderwijs, burgerschapsonderwijs, profesisonalisering van het onderwijspersoneel, digitalisering en sociale veiligheid.
Toename particulier onderwijs Ouders geven steeds meer geld uit aan privé-examentraining, huiswerkbegeleiding en pedagogische studiecoaching. Particulier onderwijs is geëvolueerd van huiswerk-begeleiding naar complete ontzorging van ouders. Voor iedere toets is een stappenplan, trainer of app beschikbaar. Er is een sterke toename van het aantal particuliere onderwijsbedrijven in Nederland.
Toename prestatiekloof Al decennia is in Nederland sprake van een gestage groei in het verschil in prestaties van hoog- en laagpresteerders. Daarbij is de toename van de laaggeletterdheid en laaggecijferdheid bij kwetsbare leerlingen/studenten zorgelijk.
Toename samenwerkingsverbanden Door professionals en organisaties wordt steeds meer samengewerkt in netwerken. Docenten ontwikkelen bijvoorbeeld samen onderwijs en leren van elkaars ervaringen. Scholen verenigen zich om samen profielen te ontwikkelen en te bewaken. In het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs ontstaan netwerken tussen bedrijven en maatschappelijke organisaties.
Toename vrije leermiddelen Vrije leermiddelen zijn online vrij beschikbaar voor (her)gebruik. Deze vrije leermiddelen worden gratis en in grote hoeveelheden gedeeld. Vrije leermiddelen zijn open voor gebruik, herziening, vertaling en verbetering. Hoewel het merendeel van de vrije leermiddelen digitaal is, zijn er inmiddels ook fysieke schoolboeken als vrij leermiddel beschikbaar.
Toenemende populariteit economie Economische opleidingen en vakken in het tertiair onderwijs zijn bijzonder populair. Echter, de baankansen voor afgestudeerde studenten is beperkt. De populariteit van de economische opleidingen groeit zo hard dat opleidingen een numerus fixus overwegen.
Toenemende samenwerking bedrijfsleven Het onderwijs en de arbeidsmarkt sluiten beter op elkaar aan wanneer scholen en bedrijven samen gaan werken. De kwaliteit van het onderwijs verbetert door de kennis die opgedaan wordt uit de praktijk en de samenleving en branches profiteren van het verbeterde onderwijs en de aandacht voor de branche.
Toepassing van neurologie Toepassing van neurologie focust op het gebruiken van neurowetenschappelijke kennis in het leerproces van scholieren en studenten. Het gaat hierbij om het begrijpen van hoe de hersenen werken en hoe we deze kennis kunnen inzetten om efficiënter te leren. Zo kunnen bijvoorbeeld biases en heuristics worden gebruikt in de lessen om studenten makkelijker dingen te laten leren.
Uitbesteding niet-educatieve taken Scholen dragen een grote verantwoordelijkheid voor het onderwijs en de opvoeding van hun leerlingen/studenten. Taken die niet direct aan het onderwijs zijn gerelateerd, zoals administratieve verplichtingen, worden steeds vaker uitbesteedt.
Vaardigheden > kennis Er komt in het onderwijs steeds meer aandacht voor vaardigheden, zoals kritisch denken, probleemoplossend vermogen, samenwerken, onderhandelen en presenteren. Het onderwijs richt zich dus meer op het ontwikkelen van competenties en minder op het bijbrengen van kennis.
Vaardigheidsdiploma’s Een vaardigheidsdiploma dient als indicatie van competentie in vaardigheden. Met deze diploma’s worden vaardigheden zoals creativiteit, ondernemerschap en samenwerken aangetoond. Bij het afsluiten van het voortgezet onderwijs krijgen leerlingen/studenten voor de bijgebrachte vaardigheden en de daarvoor verrichte activiteiten op een diploma uitgereikt.
Verantwoordelijkheid voor gezondheid De aandacht voor een levensstijl met voldoende fysieke inspanning en gezonde voeding neemt toe. De verwachtingen van de rol die scholen hierin spelen veranderen. Tegelijkertijd neemt de spanning toe wanneer de individuele voorkeur en het collectief belang met elkaar in strijd raken. Denk bijvoorbeeld aan vaccinatieweigeraars.
Verhalend onderwijs Verhalend onderwijs ook wel bekend als narrative-based learning, is het overdragen van kennis door verhalen te vertellen. Deze vorm van onderwijs basseerd zich op de leervorm die mensen als sinds de pre-historie gebruiken. Verhalend onderwijs vraagt ook om extra competenties van docenten.
Verwachtingsvolle ouders Ouders verwachten steeds meer van scholen. Niet alleen moeten scholen goed onderwijs verzorgen, zij moeten hun leerlingen/studenten ook sportieve en culturele voorzieningen aanbieden. Ouders willen ook steeds vaker diepgaand inzicht krijgen in de leerprestaties en ontwikkelingen van hun kinderen.
Weinig innovatiekracht De veelal technologische triggers voor innovatie leiden in het onderwijs slechts sporadisch dan wel vertraagd tot daadwerkelijke vernieuwing in of van het onderwijs. De voornaamste oorzaak is de door docenten gedane voorinvestering in het gebruik van een specifieke leermethode.
Werkdruk docenten De aandacht voor werkdruk en professionele autonomie van Docenten neemt toe. Docenten in het primair en voortgezet onderwijs ervaren een hoge werkdruk. Het aantal burn-outs in het onderwijs is bovengemiddeld hoog vergeleken met andere sectoren. Docenten ervaren daarnaast onvoldoende zeggenschap en eigenaarschap.
Zelfsturing en zelfontplooiing De vrijheid om het eigen leven vorm te geven neemt toe. Ook ontstaat een groeiende behoefte aan persoonlijke ontwikkeling, zowel naast als na het onderwijs. Om de eigen ‘employability’ te waarborgen wordt van mensen zelfsturing in de school- en arbeidsloopbaan verwacht.